Groene aders en groente: positieve en negatieve effecten van landschappelijke elementen op de groenteteelt
2004
Wingerden, van, W.K.R.E. | Moraal, L.G. | Booij, C.J.H. | Elderson, J.
Welke bijdrage leveren landschapselementen als akkerranden, houtwallen, bosjes en ruigtes aan de verspreiding en bestrijding van ziekten en plagen in de vollegrondsgroenteteelt. Wilde planten, struiken en bomen kunnen mogelijke alternatieve waardplanten zijn voor plagen op groentegewassen; voor tien belangrijke groentegewassen zijn deze risico's onderzocht. Opgaande elementen als houtwallen en bomenrijen kunnen zowel gunstig zijn voor plaaginsecten als voor hun natuurlijke vijanden. Gunstige natuur schept voorwaarden voor overleving van natuurlijke vijanden en niet voor plaagsoorten; bij inrichting en beheer dient daarmee rekening te worden gehouden. De voorlopige conclusie is dat groene dooradering een relatief kleine bron kan zijn voor een beperkt aantal plagen in groenteteelten. Daartegenover staat een bronfunctie voor vele soorten natuurlijke vijanden. Meer info: Alterra-rapport 825
Afficher plus [+] Moins [-]Mots clés AGROVOC
Informations bibliographiques
Cette notice bibliographique a été fournie par Wageningen University & Research
Découvrez la collection de ce fournisseur de données dans AGRIS