De P-benutting door het vee van melkveebedrijven, de impact van minimumwaarden en een tool voor verbetering
2015
Oenema, J. | Aarts, H.F.M.
néerlandais; flamand. In 2013 was de P(benutting van de Nederlandse melkveestapel gemiddeld 30%. De benutting neemt de laatste twee decennia toe met ongeveer 0.25 procentpunt per jaar, met name door het beter presteren van melkkoeien en de afname van het aandeel jongvee. Om onder het plafond van 84.9 miljoen kg fosfaat(excretie te blijven zal een uitbreiding van de melkproductie met 10% gepaard moeten gaan met een verbetering van de benutting van de veestapel met 0.8 procentpunt; een uitbreiding met 20% of 30% verlangt een verbetering van respectievelijk 2.7 procentpunt en 4.5 procentpunt. Bij indeling van bedrijven in klassen, naar grondsoort en intensiteit (melk/ha), blijkt dat de 10% best scorende bedrijven een benutting realiseren die 5.4 tot 7.6 procentpunt hoger is dan die van de 10% slechts scorende. Als de 10%, 20% of 30% slechts scorende bedrijven gedwongen worden de minimum prestatie te realiseren van de resterende 90%, 80% of 70% leidt dit per stap tot een verbetering van 0.2 procentpunt; bij 30% dus tot 0.6 procentpunt. Besproken wordt de opzet van een tool waarmee de veehouder wordt geholpen de P(benutting te verbeteren.
Afficher plus [+] Moins [-]Mots clés AGROVOC
Informations bibliographiques
Cette notice bibliographique a été fournie par Wageningen University & Research
Découvrez la collection de ce fournisseur de données dans AGRIS